Rekenvoorbeelden btw 2026
Btw reken je uit met één deling of vermenigvuldiging. Bij 21% btw deel je een bedrag inclusief btw door 1,21, bij 9% door 1,09. Een offerte van € 1.250,00 zonder btw wordt zo € 1.512,50 inclusief 21% btw. Hieronder vier voorbeelden, uitgerekend met de tarieven van 2026.
1. Een offerte zonder btw
Een ondernemer maakt een offerte van € 1.250,00 zonder btw, met 21% btw. Wat betaalt de klant?
Sneller: € 1.250,00 × 1,21 = € 1.512,50. Is de klant een ondernemer, dan trekt hij de € 262,50 btw meestal weer af in zijn eigen btw-aangifte.
2. Een restaurantbon met twee tarieven
Je eet in een restaurant voor € 54,50 en drinkt wijn voor € 30,25, allebei inclusief btw. Eten en dranken zonder alcohol hebben 9% btw. Dranken met alcohol staan niet op de lijst met 9%, dus voor de wijn geldt 21%. Reken elk tarief apart uit.
Reken je in één keer met één tarief, dan klopt de uitkomst niet. Op de pagina over het lage tarief lees je wat onder 9% valt.
3. Terugrekenen vanuit het btw-bedrag
Op een bonnetje staat alleen dat er € 8,40 btw (21%) in zit. Hoe groot was het bedrag?
4. Afronden op centen
Btw rond je af op hele centen, rekenkundig: een halve cent of meer gaat naar boven, minder dan een halve cent naar beneden. Een ondernemer mag kiezen: afronden per artikel of over het totaal van de factuur. Beide door elkaar gebruiken mag niet.
Dat verschil van een cent is geen fout. In de btw-aangifte rond je de bedragen daarna af op hele euro's. Wil je een bedrag controleren? De btw-calculator rekent op de cent.
Inclusief, exclusief of vanuit het btw-bedrag
Ken je iemand voor wie dit ook handig is?
Werk je bij een organisatie? Deze calculator is gratis in te bouwen op je eigen website. Bekijk de embed